Wetgeving & regels

Bestelwagen ombouwen tot kampeerwagen: wanneer moet je homologeren?

Een bestelwagen ombouwen tot kampeerwagen is voor veel vanlifers een droomproject. Je koopt een lege bus, bouwt er een bed, kast, keukentje en opbergruimte in, en plots voelt het alsof je kleine huis op wielen klaar is. Alleen komt er in België ook een officiële kant bij kijken.

Door Laurens De Leeuw · 23 juni 2026

Ombouwde donkergrijze van met open zijdeur toont bed en opbergruimte, man in hesje inspecteert.

Een bestelwagen ombouwen tot kampeerwagen is voor veel vanlifers een droomproject. Je koopt een lege bus, bouwt er een bed, kast, keukentje en opbergruimte in, en plots voelt het alsof je kleine huis op wielen klaar is.

Alleen komt er in België ook een officiële kant bij kijken.

Want wanneer blijft je voertuig gewoon een bestelwagen met wat kampeerspullen erin? En wanneer wordt het officieel een kampeerwagen waarvoor je homologatie nodig hebt?

Dat verschil is belangrijk. Niet alleen voor de keuring, maar ook voor je inschrijving, verzekering, rijbewijs, belasting en vooral je gemoedsrust wanneer je eindelijk de baan op wil.

Wat betekent homologatie?

Homologatie betekent dat een voertuig of voertuigonderdeel officieel wordt goedgekeurd. De overheid controleert dan of het voertuig nog voldoet aan de technische en administratieve eisen.

Bij een camperombouw gaat het vooral over de vraag of je voertuig na de verbouwing nog overeenkomt met wat er op papier staat. Een bestelwagen is normaal bedoeld voor goederenvervoer. Een kampeerwagen is een voertuig met een woongedeelte. Dat is niet hetzelfde.

Daarom heb je bij een echte ombouw naar kampeerwagen een individueel goedkeuringscertificaat nodig. Dat certificaat wordt afgeleverd door het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

Wanneer wordt een bestelwagen officieel een kampeerwagen?

Een kampeerwagen is in België een voertuig van categorie M met een woongedeelte. Dat woongedeelte moet minstens deze uitrusting hebben:

Die uitrusting moet vast in het woongedeelte bevestigd zijn. De tafel mag wel zo gemaakt zijn dat je ze makkelijk kunt verwijderen. Deuren en schuiven van opbergvakken moeten goed gesloten blijven tijdens bruuske manoeuvres.

Een los matras, een campingvuurtje en wat bakken in de laadruimte maken je bestelwagen dus niet automatisch een officieel gehomologeerde kampeerwagen. Maar zodra je een vaste camperinrichting bouwt en je voertuig ook als kampeerwagen wil inschrijven, kom je in het homologatieverhaal terecht.

Wanneer moet je homologeren?

Je moet homologeren wanneer je voertuig officieel wordt omgebouwd naar kampeerwagen. Dat is zeker het geval wanneer je een vaste inrichting plaatst met kookgelegenheid, slaapgelegenheid, opbergruimte, tafel en stoelen, en je die bestelwagen ook als kampeerwagen wil laten inschrijven.

Ook wanneer je voertuig van categorie of aard verandert, is een nieuwe homologatie nodig. Een lichte vracht die officieel kampeerwagen M1 wordt, verandert dus niet alleen praktisch, maar ook administratief.

Dat is het punt waar veel mensen zich aan mispakken. Ze denken: ik bouw gewoon een bed en kastjes in mijn bus. Maar zodra je die bus officieel als kampeerwagen wil laten inschrijven, moeten de aanpassingen kloppen met de regels.

Wat als je de bestelwagen lichte vracht wil houden?

Sommige bedrijfsvoertuigen van categorie N1, N2 of N3 kunnen ook een kampeerinrichting hebben. Een lichte vrachtauto met een scheidingswand tussen bestuurdersruimte en woongedeelte én de vereiste kampeeruitrusting kan in bepaalde gevallen ingeschreven blijven als lichte vrachtauto.

Maar als je diezelfde lichte vracht wil inschrijven als kampeerwagen M1, dan is er een wijziging van categorie en aard. In dat geval is een nieuwe homologatie vereist.

Zonder scheidingswand wordt het strenger. Een lichte vracht zonder scheidingswand, maar met de vereiste kampeeruitrusting, kan volgens Vlaanderen ingeschreven worden als kampeerwagen M1. Ook dan is een nieuwe homologatie nodig.

Kort gezegd: wil je lichte vracht blijven, laat je dan vooraf goed informeren. Vooral de scheidingswand, het aantal zitplaatsen, het laadvermogen en de inrichting moeten blijven kloppen met je inschrijving.

Waarom je best vooraf nadenkt over je einddoel

Voor je begint te bouwen, moet je eigenlijk al weten waar je naartoe wil.

Wil je gewoon af en toe slapen in je bestelwagen met losse spullen? Dan zit je meestal eerder in de sfeer van lading. Je moet alles veilig vastzetten, maar je verandert niet per se de aard van het voertuig.

Wil je een vaste camper bouwen en officieel als kampeerwagen inschrijven? Dan moet je rekening houden met homologatie.

Wil je extra zitplaatsen, draaiplateaus, ramen, een hefdak, slaapdak of wijzigingen aan de structuur? Dan wordt het nog gevoeliger en moet je zeker vooraf advies vragen.

Zelf zou ik hier niet op gokken. Als vanlife liefhebber snap ik heel goed dat je liefst gewoon wil bouwen en vertrekken, maar dit is zo’n onderwerp waar een fout achteraf veel geld en frustratie kan kosten. Een kast aanpassen is één ding. Een dak, zetel of gordelpunt opnieuw moeten laten keuren of vervangen is iets anders.

Contact met de fabrikant van het basisvoertuig

Bij een ombouw naar kampeerwagen moet je contact opnemen met de fabrikant van je basisvoertuig. Die kan aangeven welke aanpassingen toegestaan zijn en of het voertuig verbouwd mag worden naar kampeerwagen.

Dat akkoord van de fabrikant is belangrijk. Zonder dat akkoord kan je geen goedkeuringscertificaat krijgen.

Dat klinkt misschien formeel, maar het is logisch. De fabrikant heeft het voertuig oorspronkelijk laten goedkeuren zoals het gebouwd werd. Als jij daarna structurele zaken wijzigt, zoals dak, zitplaatsen of gordelbevestigingen, moet duidelijk zijn dat die aanpassingen veilig en toegelaten zijn.

Wie dient het goedkeuringsdossier in?

Dat hangt af van de datum waarop je voertuig voor het eerst in dienst werd gesteld of in verkeer werd gebracht.

Voor voertuigen van vóór 29 april 2013 kan bij een ombouw door een particulier of niet erkende fabrikant een erkende technische dienst of een station voor technische keuring het dossier indienen.

Voor voertuigen vanaf 29 april 2013 kan bij een ombouw door een particulier of niet erkende fabrikant enkel een erkende technische dienst het goedkeuringsdossier indienen.

Voor moderne bestelwagens is dat dus belangrijk. Denk aan recente modellen zoals een Ford Transit, Mercedes Sprinter, Volkswagen Crafter, Renault Master, Fiat Ducato, Peugeot Boxer of Citroën Jumper. Daarvoor ga je best niet pas op het einde naar de keuring. Contacteer op tijd een erkende technische dienst.

Welke documenten kunnen gevraagd worden?

Als particulier of niet erkende fabrikant vraag je een individueel goedkeuringscertificaat aan via een erkende technische dienst van categorie A.

Bij zo’n aanvraag kunnen onder meer deze documenten gevraagd worden:

Dat betekent dat je tijdens de bouw best foto’s neemt en je plannen goed bijhoudt. Wacht niet tot alles dichtgetimmerd is, want sommige zaken zijn achteraf moeilijk te tonen of te bewijzen.

Extra opletten met zitplaatsen en gordels

Zitplaatsen zijn één van de gevoeligste onderdelen bij een camperombouw. Als je zitplaatsen wil gebruiken tijdens het rijden, moeten die correct goedgekeurd zijn. Ook hoofdsteunen, veiligheidsgordels en verankeringspunten moeten aan de regels voldoen.

Zijdelingse zitplaatsen mogen sinds 20 oktober 2007 niet meer gebruikt worden tijdens het rijden. Ze worden dus niet meer toegekend als officiële zitplaatsen voor onderweg.

Ook draaiplateaus zijn een aandachtspunt. Als je een originele zitplaats wijzigt door er een draaisysteem onder te plaatsen, vervalt de oorspronkelijke deelgoedkeuring van de sterkte van die zitplaats. Dan moet je met een nieuwe deelgoedkeuring of testrapport aantonen dat de combinatie van zetel en draaisysteem voldoet.

Koop dus niet zomaar de goedkoopste draaiconsole online omdat ze mechanisch past. Voor homologatie telt niet alleen of iets werkt, maar ook of het aantoonbaar goedgekeurd is.

Nooduitgang, ramen en dakconstructie

Een kampeerwagen moet ook veilig blijven als er iets misloopt. De verblijfsruimte moet minstens één gemakkelijk bereikbare nooduitgang hebben die niet in dezelfde wand zit als de bedrijfsdeuren. Die nooduitgang moet minstens 400 mm x 600 mm zijn.

Als de nooduitgang enkel geopend kan worden door glas te breken, moet er een noodhamer in de buurt bevestigd zijn.

Ook ramen en doorzichtige panelen moeten een Europese markering hebben. Een hefdak of slaapdak moet voldoen aan de ombouwrichtlijnen en aan het akkoord van de basisfabrikant.

Dit zijn typische dingen die je best vooraf uitzoekt. Een raam plaatsen lijkt simpel, maar als het verkeerde glas geen correcte markering heeft, kan dat later problemen geven.

Gewicht is een grote valkuil

Bij een camperombouw moet je ook rekening houden met gewicht. Na de ombouw wordt de tarra bepaald via een weging. Daarbij kijkt men naar het omgebouwde voertuig met onder meer vloeistoffen, brandstof, drinkwater en gas volgens de voorwaarden.

Voor veel zelfbouwers is gewicht één van de grootste valkuilen. Hout, isolatie, accu’s, zonnepanelen, water, gas, meubels, gereedschap, fietsen, kleren, eten en bagage tellen allemaal mee.

En dan heb ik Grephar nog niet eens meegerekend.

Zeker als je onder 3.500 kg wil blijven met rijbewijs B, moet je hier van in het begin rekening mee houden. Een bus die leeg ruim binnen de limiet zit, kan na een stevige ombouw en volle reisuitrusting plots veel zwaarder worden dan verwacht.

Wat gebeurt er na de homologatie?

Na de goedkeuring en inschrijving moet een kampeerwagen naar de keuring voor een administratieve keuring en weging. Daarna krijg je een nieuw identificatieverslag.

Kampeerauto’s moeten volgens GOCA Vlaanderen gekeurd worden na herinschrijving en daarna jaarlijks. Let wel: regels rond keuringsfrequenties kunnen wijzigen. Kijk dus altijd naar je keuringsbewijs en controleer de actuele informatie bij de officiële bronnen.

Praktische conclusie

Je moet niet voor elke losse matras of campingbox meteen homologeren. Maar zodra je van een bestelwagen officieel een kampeerwagen wil maken, met vaste wooninrichting en inschrijving als kampeerwagen, heb je een nieuwe goedkeuring nodig.

Wil je alleen tijdelijk kamperen met losse spullen, dan blijft het vooral belangrijk dat alles veilig vastzit en dat je voertuig nog overeenkomt met de inschrijving.

Wil je een echte camper bouwen, dan moet je vooraf nadenken over:

Mijn advies: bepaal eerst je einddoel, maak dan je bouwplan. Niet om je goesting af te pakken, maar net om te vermijden dat je later opnieuw moet beginnen. Een goede camperombouw begint niet bij de eerste plank hout, maar bij weten wat je officieel met je voertuig wil doen.

Bron: https://www.gocavlaanderen.be/detail-page/data-en-frequentie

Bron: https://www.autoveiligheid.be/autokeuring/kampeerwagen/keuring-na-inschrijving

Bron: https://www.vlaanderen.be/mobiliteit-en-openbare-werken/auto-en-motor/uw-voertuig-verbouwen-of-wijzigen

Bron: https://www.vlaanderen.be/mobiliteit-en-openbare-werken/auto-en-motor/homologatie-van-voertuigen-en-voertuigonderdelen/nationaal-individueel-goedkeuringscertificaat-aanvragen-als-niet-erkende-fabrikant-of-particulier

Bron: https://www.vlaanderen.be/mobiliteit-en-openbare-werken/auto-en-motor/uw-voertuig-verbouwen-of-wijzigen/uw-voertuig-ombouwen-naar-een-kampeerwagen